Archief voor categorie ‘Maatschappij’

Column ZO-magazine (december)

Geplaatst op in Marketing, Maatschappij, Communicatie, Economie, Reclame, Literatuur

boek Kurt Ostyn UnizoVanzelfsprekend staat mijn column in ZO-magazine (Unizo) deze maand in het teken van mijn prinses en haar paard…

In de Verenigde Staten zijn ondernemers volop in de ban van wat ze er de ‘SHEconomy’ hebben genoemd: het besef dat meer dan 80% van alle aankoopbeslissingen door dames wordt gestuurd, en dat er een pak meer vrouwen dan mannen afstuderen aan hogescholen en universiteiten zorgt er voor dat bedrijven op een andere manier naar hun markt én management gaan kijken. De vervrouwelijking wordt er stilaan realiteit. En mocht Hillary Clinton er de presidentsverkiezingen winnen, dan komt de feminisering wellicht in een stroomversnelling terecht. Hier in Europa sijpelt dezelfde gedachte slechts met mondjesmaat binnen. Een gemiste kans.

De eerste onderneming die voluit de kaart van de EVAlutie durft te trekken is parketspecialist Lamett. In oktober 2013, in een volle Kinepoliszaal, verraste CEO Bruno Descamps vriend en vijand met een nieuwe slogan en identiteit: Floors are Female. Twee jaar later kent Lamett een omzetstijging van 80%. Toeval? Ik denk het niet.

Het inspireerde mij om de kansen die de maatschappelijke vervrouwelijking met zich meebrengt te vertalen naar onze Vlaamse regio. In mijn boek ‘De Prinses op het witte paard’ laat ik u op een leuke manier kennis maken met de EVA-lutie die het einde van het MANopolie (het monopolie van het mannelijk denken) inleidt. Ik schreef het (management)-boek voor elke kleine en middelgrote ondernemer die niet van (management)-boeken houdt…: in eenvoudige taal, met herkenbare anekdotes en oprechte getuigenissen over man-vrouw verschillen. En wie alleen maar graag naar ‘de prentjes’ kijkt, zal kunnen snoepen van de originele cartoons van Lector. U vindt het boek in elke Standaard Boekhandel.

De perfecte Kerst-literatuur…

Share

Het ontstaan van de kloof tussen man en vrouw

Geplaatst op in Marketing, Maatschappij, Communicatie, Literatuur

Het verheugt me te horen dat ‘De Prinses op het Witte Paard‘ leest als een trein. Nochtans is de EVAlutie een delicaat thema. Iedereen is man of vrouw, en heeft dus een zeer persoonlijke mening. Daarom vond ik het belangrijk om af en toe een vrolijke en relativerende noot te voorzien. En de cartoons die Lectrr speciaal voor dit boek maakte, helpen ook natuurlijk. Ziehier een gratis smaakmakertje met als titel: “Het ontstaan van de kloof tussen man en vrouw”.

de prinses op het witte paard

Hoe gaan we ons voortplanten?”; vroeg Eva.

Adam keek haar wellustig aan. “Oh, ik heb wel enkele ideetjes”, zei hij glunderend terwijl hij opgewonden een bedje van vijgenbladen maakte.

Nee, dat bedoel ik niet”, snauwde Eva. “Ik bedoel : hoe zorgen we voor onze voortplanting? Ik meen toch begrepen te hebben dat die Boze Man verwacht dat we voor nakomelingen zorgen?”.

Adam zuchtte. Ze had gelijk. Na de belachelijke historie met de slang en de appel had God tijdens zijn furieuze uitbrander iets gezegd over een nageslacht. “Pff, ik stel voor dat we elk om beurt een ei leggen, en samen broeden tot er een levend wezen uit komt… Dus, kunnen we dan nu…. ? En hij gooide zijn vijgenblad ongeduldig op de grond.

Een ei?” riep Eva boos. “Een ei? Het is niet omdat jij elke dag jouw belachelijke haantjesgedrag etaleert, dat ik een dom kieken ben, meneer de-rib-donor. Want dat is wat je bedoelt hé? Zeg het nu maar. Zeg het maar: Je vindt me een ordinair stom kieken. Met een dikke kont. Dat is wat je eigenlijk denkt hé. Oh, … ik haat mannen!

Mannen?”, riep Adam op zijn beurt terwijl hij zijn vijgenblad opraapte. “Mannen?” Tot nader order ben ik hier de enige man op deze planeet hé. Waarom overdrijf jij toch altijd? Jij stelde me een vraag. Ik gaf een logisch antwoord. Ik stel gewoon objectief vast dat de wezens rondom ons eieren leggen om zich voort te planten, dus ga ik er gewoon van uit dat jij en ik hetzelfde doen. Elk om beurt een ei. Eerlijk verdeeld. Dat is toch de evidentie zelve?”

Eva draaide haar ogen naar de hemel. “Ach daar gaan we weer. Het is weer ‘evident’.

En hoe denkt meneer Adam een ei te leggen?”

Daar had Adam nog niet over nagedacht.

Euh… uit mijn poep…”

Uit je poep…? Uit je poep…?

Eva plooide dubbel van het lachen. “Maar ventje toch. Jij kermde al van de pijn toen je lichtjes geconstipeerd was na het eten van mijn vijgenpaté. Wat zou dat dan betekenen mocht je een ei met een diameter van 20 centimeter uit dat poepje moeten persen?”

Adam zweeg gekrenkt, maar dacht : “Ze heeft een punt. Misschien kan ik dit taakje beter delegeren”.

Hij keek haar recht in de ogen en zei: “Oké liefste Eva, je hebt gelijk. Zo’n ei leggen is niets voor mij. Misschien laat ik dit beter aan jou over. Wat stel je voor?”

Eva keek hem lief en triomfantelijk aan, en terwijl haar hand op zijn vijgenblad neervlijde, sprak ze: “Dank u, manlief. Ik wist wel dat je me zou begrijpen. Hier zijn mijn twee voorwaarden. Ten eerste zie ik het ei-idee niet zitten. Ik ben geen kip, en bovendien hou ik niet van half werk. De productie gebeurt zo lang mogelijk in mijn eigen buik, en pas wanneer het prototype levensvatbaar is, pers ik het door één of andere lichaamsopening. Ik heb er immers meer dan jij….”

Ter illustratie, en met een verleidelijke knipoog, liet Eva de split van haar vijgenblad openvallen.

Oef”, dacht Adam, “dat valt goed mee… En ten tweede?

Ten tweede”, sprak Eva “wil ik niet dat jij ondertussen zit te niksen. Jij gaat elke dag jagen, zorgt voor vers vlees, maakt een dak boven ons hoofd, en zorgt voor onze veiligheid.”

Adam verbleekte. “Maar Eva, dat meen je toch niet? We zijn hier wel verondersteld in het ‘paradijs’ te leven hé! Ik zal me kapot moeten werken. Ik zal…

Tut, tut, tut”, onderbrak Eva hem. “Voor wat hoort wat. En als ’t u niet aanstaat, ga op een ander!

Maar hier is geen ander…!”, riep Adam dramatisch. “Komaan Eva, wees nu eens redelijk. Het zou toch logischer zijn, mochten we de taken eerlijk verdelen? Jij zet meisjes op de wereld, ik jongetjes. Ik vind wel een opening…

Maar Eva was vastberaden: “Ik de kinderen. Jij het werk. Hoor ik je nog?

Adam’s verzet was hopeloos. Hij keek haar moedeloos aan, draaide zich om, nam zijn jachtspeer, en prevelde net luid genoeg zodat ze het kon horen: “Durf later niet te klagen over emancipatie, genderkloven en glazen plafonds… Durf het niet hé!

En voor het eerst in de geschiedenis van de mensheid klonken uit een donker oerwoud de historische woorden: God-ver-domme

Benieuwd naar het hele verhaal? U vindt De Prinses op het Witte Paard in elke Standaard Boekhandel, Boekhandel Theoria, of kan het hier online bestellen.

Share

TE KOOP: de Prinses op het witte Paard

Geplaatst op in Marketing, Maatschappij, Communicatie, Economie, Reclame, Literatuur

Mijn aantal blogposts lag in 2015 gevoelig lager dan de voorbije jaren.
De belangrijkste reden hiervoor ligt vanaf 8 december in de boekhandel… en kreeg als titel ‘De Prinses op het witte paard’. Ik stak dit jaar namelijk al mijn vrije tijd in het uitschrijven van een verhaal dat reeds meer dan 10 jaar mijn aandacht trok: de vervrouwelijking van de maatschappij. Het boek is nu eindelijk af. Op de achterflap van staat te lezen :

De prinses op het witte paardGent. Oktober 2013. Voor een volle Kinepoliszaal kondigt Bruno Descamps, CEO van parketspecialist Lamett, zijn toekomststrategie aan met de verrassende slogan: ‘Floors are Female’. Twee jaar later noteert Lamett een omzetstijging van 80%. Toeval?
In ‘De prinses op het witte paard’ brengt marketingstrateeg Kurt Ostyn het verhaal achter die vreemde slogan. Met de ogen van een man, marketeer, ondernemer, en vader van vier dochters kijkt hij naar alle aspecten van de EVAlutie (de vervrouwelijking van onze maatschappij) en stelt vast dat het huidige MANopolie (het huidig monopolie van het mannelijk denken) de oorzaak is van heel wat maatschappelijke en economische strubbelingen. Op basis van zijn bevindingen durft Kurt Ostyn nieuwe oplossingen formuleren die een antwoord kunnen bieden op de hedendaagse uitdagingen als ‘werkbaar werk’, ‘glazen plafonds’ en ‘mensvriendelijk ondernemen’. Zijn delicate boodschap: laat vrouwen vrouw zijn, en mannen man. Omarm hun verschillen. Organisaties moeten zich heel dringend aanpassen aan de mens, medewerker en consument van de 21ste eeuw. En niet omgekeerd.

U merkt het, het is een thema dat elke man of vrouw stof tot nadenken kan geven. Wellicht zal u het niet altijd met me eens zijn.  Het boek wordt opgefleurd door enkele leuke cartoons van Lectrr (huiscartoonist bij De Standaard) maar ook Greet (mijn echtgenote) en Bruno Descamps (Lamett) geven op verschillende plaatsen in het boek hun eerlijke mening rond bepaalde thema’s.

Klant is koning

De Prinses op het Witte Paard ligt vanaf 8 december in alle Standaard Boekhandels en boekhandel Theoria of kan online besteld worden : DE PRINSES

Vanzelfsprekend ben ik ook zeer benieuwd naar jullie feedback.

 

 

Share

Oog voor ogen

Geplaatst op in Marketing, Maatschappij, Communicatie, Reclame

impact ogen

Onlangs werd in Kortrijk lacherig gereageerd op een preventiemaatregel om in het station het aantal fietsendiefstallen terug te dringen door er spandoeken met indringende ogen te hangen…

Een idioot idee? Het deed me denken aan het ‘melk’ experiment dat Daniël Kahneman in ‘Ons feilbare brein’ omschrijft:

In een kantine staat een theekan waar alle medewerkers gratis thee mogen ‘tanken’. Er is ook melk beschikbaar, maar daarvoor vraagt men om uit vrije wil een bijdrage in het spaarvarkentje te stoppen. De grootte van die bijdrage mag elkeen zelf bepalen. Boven het tafeltje waar de thee en de melk zich bevinden hangt een grote poster. In het kader van dit onderzoek wordt de poster wekelijks vervangen. Elke even week is er een bloemenposter. Elke oneven week zijn twee ogen te zien. Wat bleek?

Kahneman experimentTelkens de poster met ‘ogen’ het decor vormde, werd er gevoelig meer geld in het spaarvarkentje gestopt. In het meest extreme geval, wanneer de poster uit 2 priemende mannenogen bestond, werd ‘spontaan’ een zevenvoud gedoneerd… Ogen hebben dus wel degelijk een effect op ons gedrag.

Maar dat wisten onze grootouders ook al. In hoeveel huiskamers ging vroeger niet een ‘alziend oog’ met daarboven het opschrift : “Hier vloekt men niet. God ziet u.” ? 🙂

god ziet mij

Share

Klant is koning. Een koele koning…

Geplaatst op in Marketing, Maatschappij, Economie, Reclame

marketingadviesStaf, een koopkrachtige veertiger, stapt een winkel binnen. Het is een gerenommeerde elektrozaak gespecialiseerd in fototoestellen. Vanuit de mooie en verzorgde showroom komt een jongeman naar hem toegestapt. Hans, zo heet hij, is een enthousiaste dertiger met een passie voor fotografie. Hij werkt al meer dan 10 jaar als verkoper in de elektrozaak.

Hans : “Kan ik u helpen meneer?”

Staf :Ik ben op zoek naar een goed fototoestel en ik las dat de spiegelreflexcamera van NIKON best wel oké is. Heeft u die hier?”

Hans : “Jawel, meneer. Kom maar met mij mee.”

Hans troont de klant mee naar de vele spiegelreflexcamera’s en legt er haarfijn de voor- en nadelen van het NIKON-toestel uit. Na de deskundige uitleg knikt Staf tevreden : “U hebt mij overtuigd. Die wil ik” Hans schrijft de juiste referenties op een blaadje en stapt met de klant naar de kassa.

Staf:Euh, die prijs… Klopt dat wel?”

Hans :Ja hoor meneer, 2.355 €

Staf haalt een verfrommeld A4-tje te voorschijn.

Staf : Maar ik kan hetzelfde toestel kopen voor 2.245 € op deze webshop…”

Hans blijft vriendelijk en probeert zijn teleurstelling te verbergen.

Hans :Ik haal er even de zaakvoerder bij, meneer. Misschien kan hij iets voor u doen.

Enkele seconden later komt Hans met de zaakvoerder naar de kassa. Wim nam 15 jaar geleden de zaak van zijn vader over. Toen was er van webshops nog geen sprake. Wim stapt met een vriendelijke glimlach naar de klant toe.

Wim :Hey, dag Staf. Da’s lang geleden. Alles goed met jou? En met de volleybal?

Wim sponsort al vele jaren de plaatselijke volleybal-club waar Staf actief is. Uit sympathie.

Staf :Dag Wim. Alles goed. Ik vertrek binnenkort met enkele vrienden naar Toscane en ik wil natuurlijk de mooiste plaatsjes en herinneringen op foto. Dus tijd voor een nieuw fototoestel. En dan kom ik naar u hé.”

Wim :Blij dat ik kan helpen. Zeg eens wat kan ik voor jou doen?

Hans :Wel, meneer is geïnteresseerd in dit fototoestel, maar hij zou het graag aan de prijs krijgen zoals het hier op deze webshop wordt verkocht.”

Wim bekijkt verrast de webshop promotie.

Wim :Tja, … euh. Dan zal ik mij maar aanpassen zeker. Maak er maar 2.245 € van Hans. Ik ken Staf al jaren.”

Staf :Dank u, Wim. Maar… bij die webshop krijg ik ook nog een beschermtasje gratis”.

Wim behoudt zijn glimlach.

Wim :Hans, haal je ook nog een NIKON beschermtasje voor Staf. Gratis natuurlijk. En euh… Hans, breng metéén ook uw jas en uw sleutels mee. Ik vul nu uw C4 in. We moeten afscheid nemen.

Hans :Maar meneer, ik heb toch niets verkeerd gedaan?

Ook Staf schrikt van dit abrupt ontslag, en staat er wat beduusd bij.

Wim :Nee Hans, je deed niets verkeerd. Maar Staf vindt jou overbodig. En klant is koning hé…

Staf :Overbodig? Dat heb ik toch nooit gezegd? Integendeel. Ik vind Hans een vriendelijke en deskundige verkoper.”

Wim :Dat vind ik ook, Staf. Dat vind ik trouwens al 10 jaar. Maar jij wil er niet voor betalen hé? Klopt toch? Hans kost mij zo’n 50.000 euro per jaar. En jij vindt hem waarde-loos. Dus moet ik Hans met pijn in het hart bedanken.”

Staf is even van zijn melk en wil eigenlijk liefst zo snel mogelijk uit deze benarde situatie ontsnappen.

Staf :Euh Wim, heb jij deze NIKON op voorraad. Ik zou graag deze namiddag al wat experimenteren.”

Wim lacht heel vriendelijk. “Natuurlijk Staf, een klein ogenblikje”. Wim neemt de telefoon: “Marnix, kan jij a.u.b. uit het magazijn een NIKON D750 halen en naar de winkel brengen. En breng tegelijk uw jas en sleutels mee. Uw C4 ligt klaar.” Wat later komt Marnix lijkbleek de winkel binnen. Het is een loyale vijftiger. Trots op ‘zijn’ magazijn”.

Marnix :Hier is het toestel, meneer. Maar wat ik heb ik verkeerd gedaan? Waarom mijn ontslag?

Wim :Je deed niets verkeerd Marnix, integendeel. Maar Staf vindt je overbodig.”

Staf staat perplex.

Staf :Maar komaan Wim…! Dat heb ik toch niet gezegd? Doe toch niet zo hardvochtig. Ik vind het schitterend dat ik nu al mijn fototoestel mee naar huis mag nemen… Je kan die man nu toch niet zomaar ontslaan?

Wim : “Maar je wil er niet voor betalen Staf? Dus zeg je dat Marnix geen ‘meer’-waarde is. Je zegt ook dat ik beter geen magazijn meer heb, en dat ik beter niet meer investeer in voorraad. Want daar wil jij niet langer voor betalen. Dat is toch zo? En pas op… Dat recht heb je. Klant is koning. Ik moet mij aanpassen aan de wensen van de klant. En dat doe ik.” En met een brede glimlach doet Wim de verlichting uit, zet de muziek af en begeleidt Staf naar de uitgang.

Wim :Veel succes met de NIKON, Staf. Mocht er een probleem zijn…: deze winkel is vanaf vandaag definitief dicht maar u kan steeds terecht bij NIKON: Shinagawa Intercity Tower C, 2-15-3, Konan, Minato-ku, in Tokyo. Of ze ook uw volleybalteam zullen sponsoren durf ik niet te beloven… Maar probeer het toch maar.”

Staf is volledig zijn kluts kwijt. Hij nestelt zich onthutst op het dichtstbijzijnde terras en besluit met het geld dat hij net uitspaarde toch een beetje de lokale economie te steunen. Hij trakteert zichzelf daarom op een Bellgemse OMER. Bier van eigen bodem.  De ober brengt met een brede glimlach een prachtig geserveerde koele Omer.

Ober :Dat is dan € 3,50 meneer.”

Staf kijkt de ober/zakkenvuller vol ongeloof aan en haalt een A4-tje boven.

Staf :Maar meneer, dat moet een misverstand zijn. In de Colruyt kan ik diezelfde Omer kopen voor € 1,15. Jij vraagt het drievoud?

Het tafereel dat zich hierna afspeelt wil ik u besparen. De dokters hebben mij gemeld dat het flesje Omer ondertussen met succes uit Staf’s slokdarm werd verwijderd. Zijn tanden konden niet gered worden.

______________________________________________________________________________________

Wat is de moraal van dit verhaal?

Op het internet vind je altijd wel ergens iemand die een bepaald product onder de marktprijs aanbiedt. Ik vermoed dat velen na het lezen van dit herkenbaar scenario ‘klant Staf’ als de grote boosdoener zullen zien. Maar is dat ook zo? Elke klant heeft het recht om zijn product zo goedkoop mogelijk te willen kopen.   De klant is koning: een koele koning. Ook al heeft hij in enquêtes en in de media zijn mond vol over ecologie, duurzaamheid en eerlijke handel, éénmaal in de winkel telt vooral zijn portefeuille. Dit klinkt hard, maar het is meestal de realiteit.

Als handelaar moet je dus op zoek naar ‘meer’-waarde. En die is er meestal. Want wat doet Staf eigenlijk in die winkel? Hij kon hetzelfde product toch vanuit zijn luie zetel op het internet kopen? En toch gaat hij naar de winkel? Uit sympathie? Vergeet het. Blijkbaar wil hij het fototoestel toch wel eens zien en vastnemen. Hij hoopt op wat extra info. Hij hoopt dat hij het toestel metéén mee naar huis kan nemen. En mocht nadien blijken dat hij niet wegwijs raakt uit de handleiding, hoopt hij eens bij Wim langs te kunnen gaan voor advies. Daarom gaat Staf naar die winkel.

Is het dan verstandig van Wim om zomaar zijn prijs (en zijn trots) te verlagen tot webshop-niveau?

Stof tot nadenken.

Share